Me myself

Ingepakt; 14 februari 2017 14.30 uur
Overhandigd aan bezorger (Simon van Til); 14 februari 17.00 uur
Bezorgd (Rosemin Hendriks); 18 februari 12.30 uur
Opgehaald; 16 mei 13.00 uur

“Het ontvangen en het in huis hebben van jouw werk, ik ben er zo blij mee! Dat heeft tot gevolg dat het mij niet eerder gelukt is te reageren, omdat ik haast zelf niet kan voldoen aan de eisen die ik daar aan stel, wil ik daarmee recht doen aan de mate waar in ik wil laten merken hoe groot de impact is. Ik doe nu toch een poging. Tijdens het uitpakken merkte ik al dat het iets heel anders is een werk te bekijken dat aan de muur hangt en een werk dat je daadwerkelijk in de hand vast hebt. Het geen heel hebberig maakt. Vervolgens grote twijfel over waar het moest hangen. Dit is de mooiste plek. Het meest in het zicht en bij verzamelde “schatten” maar, wel in een open woonkeuken en we hebben nog geen afzuigkap..

Daarom hangt het meestal hier, op oog hoogte, dicht bij de computer en het bureau en de tafel waar gewerkt wordt. Ik kan er dichtbij naar gaan staan kijken. Af en toe trek ik de handschoenen aan en verplaats ik het werk naar de ere plek. Het doet mij zelf denken aan de verhuizingen, het op en neer rijden van het Europees Parlement, tussen Brussel en Straatsburg. Het gaat weer terug tegen de tijd dat er gekookt gaat worden. Nog een detail foto van jou werk op de ereplaats. Tussen gevonden kiezen, een Berlijnse beer, een hangend sardientje en een oud tijdschrift dat dubbel gevouwen open staat.” (reactie Rosemin per mail, 10 maart 11.50 uur).

Wat een prachtige reactie van Rosemin, ik was zo ontroerd het is precies wat ik met Close Encounters wil bereiken. Ik ken Rosemin oppervlakkig, via haar werk, maar ook via haar ouders. Haar vader Marten, stimuleerde mij om voor de afdeling ‘vrije kunsten’ te kiezen op de Akademie Arnhem, waar hij les gaf. Leuk dat er een werk van hem links van mijn werkje hangt, ook fijn dat er een ansichtkaart met een afbeelding van Kinke Kooi op de schoorsteenmantel staat. Kinke en ik zijn academiegenoten en vanaf die tijd vriendinnen. Rosemin’s werk interesseert mij omdat ik verwantschap voel in de manier waarop zij portretten tekent en waarop ik objecten schilder. Haar ‘zelf’portretten en mijn objecten vertellen geen anekdotisch verhaal maar gaan over heel goed kijken; jezelf verliezen in ‘mimese’.